
Een van de eerste opdrachten die ik kreeg van mijn ouders toen ik besloot Zweeds te gaan studeren, was dat ik zou leren hoe je ‘kladdkaka’ goed uitspreekt. In ons favoriete cafeetje in Zweden spraken de mensen namelijk niet zo veel Engels en waren al onze pogingen om iets in het Zweeds te vragen tevergeefs, wat resulteerde in veel gebaren om duidelijk te maken wat we wilden. Ondertussen, heel wat Zweedse lessen en fikaʼs verder, weet ik gelukkig wél hoe je ‘kladdkaka’ correct uitspreekt en allerlei ander lekkers bestelt. Maar belangrijker nog: ik heb geleerd dat fika niet alleen maar dat lekkere chocoladegebak of prinsessentaart inhoudt, maar dat er veel meer bij komt kijken. In dit artikel neem ik jullie als afsluiting van mijn rubriek 'In de keuken met Kyra' mee in mijn liefde voor dit Zweedse fenomeen en hoop ik eenieder te inspireren om ook in Nederland wat vaker een fika te houden.

Twee jaar geleden deelde ik in Noorderlicht mijn recept voor kanelbullar. En ook al zal ik niet snel nee kunnen zeggen tegen een kanelbulle, heb ik soms meer zin in een iets minder zoet broodje. Daarom deel ik nu mijn recept voor kardemummabullar, een andere Zweedse klassieker. Hoewel nog steeds zoet, is het wat frisser van smaak en is het daarom een goede afwisseling van een kanelbulle. Je moet er een beetje de tijd voor nemen, maar dan heb je ook wat. Stroop je mouwen maar op!

In het tweede semester van dit studiejaar (2023-2024) ben ik op uitwisseling geweest in Uppsala, Zweden. Daar komen veel fika’s bij kijken en dus ook veel inspiratie voor een nieuw recept.

Ze lijken een beetje op de Nederlandse oliebol, de Amerikaanse donut of de Spaanse churros. Niet zo gek: in wezen is het allemaal gefrituurd deeg. Het zal de meeste mensen niet verrassen dat ook de Scandinaviërs wel een lekkere, gefrituurde snack lusten.

Als echte chocoladeliefhebber en iemand die al haar hele leven in Zweden komt, ben ik een besliste kladdkaka fan. Kladdkaka is een Zweedse chocoladetaart die van binnen plakkerig en zacht is. Ik heb het ondertussen al heel vaak gegeten bij verschillende Zweedse bakkerijtjes. Nou zijn ze natuurlijk altijd lekker, maar de allerlekkerste versie is te vinden in Ljugarn op Gotland, in een bakkerijtje genaamd Espegards Konditori. Na jaren gevraagd te hebben om het recept is het mij afgelopen zomer – toen ik eindelijk Zweeds sprak – gelukt.

“Geen huisgemaakte appeltaart?” vroeg een teleurgestelde klant bij het café in Stumpel, de boekhandel waar ik werk. “Nee, jammer genoeg niet, maar ik heb wel zelf deze kanelbullar gemaakt.” antwoordde ik. Met wat twijfel besloot de klant het te proberen. Tien minuten later wilde hij er nog één.