Foto’s: Luca Bos, Noortje Peek, Bob Walsarie Wolff
De voor de hand liggende vraag om mee te beginnen is waarom we überhaupt voorzitter wilden worden. Bob opent: “Ik overwoog eigenlijk al enigszins in de loop van mijn eerste jaar het Nordombestuur in te gaan, omdat het me gewoon best wel leuk leek om te doen. Ik hoorde toen ook van een medestudent die zich had aangemeld, en toen besloot ik dat ook te doen. Echter, ik ging het tweede semester van dat jaar naar het buitenland. Uiteindelijk kon er een bestuur gevormd worden waarvan slechts één iemand op uitwisseling ging, dus dat kreeg de voorkeur. Toch bleef het idee een beetje rondspelen, en het jaar daarna, na mijn uitwisseling, besloot ik me nogmaals aan te melden.”
Dit gold niet voor Noortje. “Ik had nou niet vanaf jaar één al het idee van ‘goh, laat ik lekker Nordombestuur gaan doen.’ Het was voor mij überhaupt al een prestatie dat ik ging studeren, dus het idee kwam bij mij eigenlijk pas in mijn tweede jaar, in Zweden, toen we een minor moesten uitzoeken voor het derde jaar. Ik vond een leuke minor, maar die was voltijd in het eerste semester. Deze keuze zette mij voor het blok: óf een andere minor kiezen óf drieënhalf jaar over mijn studie doen. Daar heb ik een paar Zweedse nachtjes over geslapen, en toen koos ik uiteindelijk voor de tweede optie. Toen ik hoorde dat Nordom weer een nieuw bestuur zocht, heb ik mijn gedachten erover laten gaan en besloten het te doen. In eerste instantie had ik mij ingeschreven voor de functie secretaris, maar toen kreeg ik een berichtje van Bob of ik zou willen overwegen om voorzitter te worden. De anderen stonden nogal onder druk om af te studeren en dat had ik niet. Sterker nog, ik had me al ingesteld op een half jaar extra studeren. Na een korte overweging dacht ik: ik ga het gewoon doen! Uiteindelijk leek het mij een leuke toevoeging aan mijn studie en ik wilde ook gewoon de vereniging die mij bij deze studie getrokken heeft in leven houden. Een soort gevoel van algemeen belang zeg maar, giving back to the people!
Bij Luca kwam de overweging ook pas later. “Het begon bij mij júíst met heel veel weerstand. Ik wilde in eerste instantie helemaal geen bestuur doen, want in jaar één had ik een heel inactieve
jaarlaag bij Nordom. Op mij en misschien twee à drie andere studenten na was niemand echt actief bij de vereniging. Ik merkte tijdens mijn eerste jaar dat mensen al zeiden dat ik op een gegeven moment Nordom-bestuur zou gaan doen, terwijl ik dat zelf nog niet zag gebeuren. Tijdens mijn tweede jaar in Noorwegen bleek steeds meer dat écht niemand het ging doen, en toen begon ik het stiekem ook zelf een leuk idee te vinden. Toen besloot ik het dus gewoon te doen! Ik heb me uiteindelijk als voorzitter aangemeld, omdat voorzitter zijn me oprecht een heel toffe functie leek. Ik vond het heel spannend, want ik vind leiderschapsfuncties eng, maar achteraf viel het reuze mee! Eigenlijk is de vereniging een soort uit de kluiten gewassen vriendengroep. Het is heel informeel, en als we ergens niet uitkomen is de hulp van voorgaande besturen altijd dichtbij.”
Grote projecten
Ieder van ons pakte een groot project aan in zijn of haar bestuursjaar. Bob hoeft niet lang na te denken over wat die van zijn bestuur was: “De statuten en het huishoudelijk reglement (HR). Geen twijfel. Het begon tijdens de overdrachtsvergadering in september. Aan het einde kwam er nog even op tafel dat de statuten herzien moesten worden vanwege een wetswijziging. We gingen toen op zoek naar de statuten, en we konden alleen een oud document uit 2010 vinden.
Het kostte drie ALV’s, een paar honderd mailtjes, een kop grijze haren en twee amendementen, maar uiteindelijk lukte het op de valreep van ons bestuursjaar om alles te herzien en Nordom formeel op
te richten
Toen bleek dat Nordom nooit officieel was ‘opgericht’. In andere woorden: er waren nooit statuten bij de Kamer van Koophandel ingeleverd, dus hadden we niets om te vernieuwen. Er waren dus wel ‘statuten’ uit 2010, maar die zijn dus nooit rechtsgeldig geweest omdat die destijds waren weggestemd bij een ALV. Hoe dan ook, uiteindelijk lukte het ons na ruim een half jaar van geghost worden door verschillende kantoren eindelijk om een notaris te vinden die ons kon helpen. We hebben toen in februari een ALV gehad waarop iedereen input kon geven voor de vernieuwde statuten en het HR, waarna we de notulen naar de notaris stuurden. In de tussentijd ben ik zelf aan de slag gegaan met het HR, wat overigens ook intens achterhaald was. Het waren twee kantjes, maar eigenlijk klopte er niks van. Van
de statuten ook niet, trouwens. Het boekjaar liep totaal verkeerd, de contributie klopte niet, een waslijst aan regels was achterhaald en – gekst van al – e-mail was geen officieel communicatie-middel: alles moest eigenlijk per brief… De praktijk was in twaalf jaar echt flink afgeweken van de regels. Uiteindelijk is het HR nu uitgegroeid naar een document van ruim tien pagina’s en heeft een notaris de statuten up-to-date gemaakt. Om een lang verhaal kort te maken, het kostte drie ALV’s, een paar honderd mailtjes, een kop grijze haren en twee amendementen, maar uiteindelijk lukte het op de valreep van ons bestuursjaar om alles te herzien en Nordom formeel op te richten.”
Luca kan er nog niet zo veel over zeggen: “Nou ja, mijn grootste project moet nog plaatsvinden, maar dat is het lustrum! Ik kan daar nu nog niet zo veel over zeggen, maar we zijn erg druk met de voorbereidingen. Tot nu toe zijn de grootste uitdagingen vooral het vinden van een locatie en een cateraar geweest. De locatie is gelukkig via de UvA gelukt, dus dat scheelt ook qua gedoe. Cateraar is nog een dingetje, maar we hebben goede hoop.”
Noortje kan lastig kiezen. “Ons grootste project was ofwel het taalcafé – dat vond ik heel leuk om te doen en was uiteindelijk goed gelukt – of het Julebord, want daar is ook wel écht veel werk in gegaan. Dat laatste werd uiteindelijk ook nog wel een uitdaging, maar dat vertel ik zo wel. Om eventjes kort te beginnen met het taalcafé: het leek me altijd al leuk om het binnen de vereniging te organiseren, maar eigenlijk wilde ik het ook groter aanpakken; met meerdere verenigingen, zodat we ook meerdere talen konden doen. Zo leer je ook wat nieuwe mensen kennen. Want ja, het voordeel aan Nordom is dat je hechte vrienden krijgt, maar het nadeel is dat je wereldje soms een beetje klein kan worden, omdat je altijd met dezelfde mensen optrekt. Dus ik dacht: we zijn allemaal taalstudenten en hebben allemaal een soort gemene deler van wat we leuk vinden, dus daar kunnen we een activiteit mee doen. Toen heb ik in de ALPHA-chat gevraagd of er verenigingen waren die dit een leuk idee vonden. Toen kreeg ik gelukkig wat reacties, dus uiteindelijk hebben we het samen met VOS, Helios en Radost gedaan. Die samen-werking verliep eigenlijk verrassend goed en de activiteit was ontzettend leuk. We hadden iets van zes of zeven talen, waaronder ook Japans. Dat was dus erg geslaagd. Om diverse redenen hebben we het eigenlijk vooral bij grote activiteiten gehouden dit jaar, en natuurlijk de stan-daarddingen als de boekenmarkten en borrels. Daarom hebben we dus ook wat meer tijd en aandacht gestoken in het grote taalcafé en Julebord, wat dus nog best nog een uitdaging bleek…”
Bob herinnert zich dat nog wel. “Oh ja, jullie moesten ineens halsoverkop iets anders zoeken, toch?” Noortje reageert instemmend. “Ja, een week of anderhalf voor het Julebord kregen wij te horen dat het PCH, waar we het feest eerst zouden vieren, al om 19:00 uur dicht zou gaan. Je gaat niet om vier uur ‘s middags aan je kerstdiner zitten, dus wilden we proberen binnen de UvA een andere ruimte te vinden, maar zo vlak voor kerst was natuurlijk alles al zo’n beetje volgeboekt. Met het aantal aanmeldingen dat we toen al hadden, zouden de kleinere zalen die nog wél vrij waren gewoon echt niet lukken: we hadden al ruim twintig aanmeldingen, dus zaaltjes voor max. 18 man waren echt te krap. Gelukkig was daar onze reddende engel Rick…”
Deze oud-secretaris van Nordom, en tevens Hoofd vormgeving van Noorderlicht, opperde des-tijds om Amsterdamse kerkjes te benaderen. “Want die hebben vaak wel evenementruimtes”, vertelt Noortje, “of in ieder geval ruimtes die groot genoeg zijn voor een evenement van dit formaat. Die bieden vaak ruimtes aan ter verhuur
en kunnen het geld goed gebruiken.” Dit bleek de gouden tip. “Uiteindelijk hebben we een kerk in Amsterdam-West gevonden, de Jeru-zalemkerk, en geïnformeerd of wij daar met spoed een ruimte konden huren voor circa dertig man. Gelukkig kon dat en de kosten waren ook heel goed te overzien, mede door een financiële meevaller eerder in het jaar. De hele communicatie daaromheen, zowel met de kerk als met de mensen die erbij zouden zijn, was – zo op het allerlaatste moment – alleen best een gedoe naast onze studie. Maar
Maar ik was
helemaal kapot
na zo’n avond
regelen
en moederen
over mijn
Nordom-kindjes
achteraf was het zeker de moeite waard, want het was dusdanig gezellig geweest dat een aantal mensen nog voorstelden naderhand elders een drankje te gaan doen. Maar ik was helemaal kapot na zo’n avond regelen en moederen over mijn Nordom-kindjes, haha.” Luca was er ook bij die avond. “Het was echt goed gelukt. Het was het leukste Julebord van alle drie die ik meege-maakt heb, vond ik. Het was ook echt een gezellige locatie.”
Dat het leven van een voorzitter niet alleen maar rozengeur en maneschijn is, kan hij ook wel beamen. “Onze grootste tegenslag was het aftreden van onze penningmeester”, vertelt Luca. “Ze stopte in december met de studie, maar wilde in eerste instantie nog wel doorgaan als penning-meester. In januari besloot ze daar om persoonlijke redenen toch mee te stoppen. Toen moesten we dus met spoed op zoek naar een nieuwe penningmeester, waar wij nogal van baalden omdat het dit jaar überhaupt een grote uitdaging was geweest om een bestuur bij elkaar te krijgen.”
Daarop vult Noortje aan: “En dan mis je ook nog eens de penningmeester, wat een heel vitale rol is in het bestuur.” Luca knikt. “Ja precies, dus wij dachten echt ‘hoe gaan wij ooit nog een penningmeester vinden?’ Vooral ook omdat de helft van mijn bestuur net in Scandinavië zat. Als enige bestuurslid in Amsterdam had ik het idee dat alles op mijn schouders terecht kwam. Dat viel gelukkig mee. Ik moet de oude penningmeester wel even complimenteren, want ze was heel respectvol gedurende de hele afhandeling en deed gewoon nog haar taken. Ze had gezegd door te gaan tot er een opvolger was, maar wilde natuurlijk wel zo snel mogelijk stoppen. Gelukkig was daar toen onze redder: minorstudent Emma, die pas sinds dit jaar lid van Nordom is. Ze was net haar studie aan het afronden en had het tweede semester grotendeels vrij. Alleen haar minor Deens liep nog door, dus ze zag het wel zitten om het penningmeesterschap op zich te nemen. Als superactief lid was het ook niet moeilijk om haar te benaderen, en gelukkig leek het haar leuk om te doen. Inmiddels is ze al een maand bestuurslid en het gaat hartstikke goed; we’re gonna rock it!”

Tijdens het jaar van Bob was er niet zo zeer één grote tegenslag, maar uitdagingen waren er genoeg. “Eigenlijk alle recente jaren voor ons hadden op een of andere manier nog heel erg te maken gehad met de coronapandemie. Daardoor lagen een hoop verenigingstradi-ties, kort door de bocht, gewoon op hun gat. In het jaar voor mijn bestuursjaar was er wel weer een Luciakoor, maar heel het Julebord is uiteindelijk een week of twee voor het zou plaatsvinden afgelast. Noorderlicht stond ook zo goed als stil, en er was pas net weer één studiereis geweest. In het begin was er dus behoorlijk wat discussie binnen het bestuur over wat er weer opgepakt moest worden. Willen we Noorderlicht een heropstart gaan geven? Het antwoord daarop was al vrij snel ja. En Julebord? Het enige wat wij toen hadden, waren getuigenverklaringen van Floris [voorzitter 2020-2021, red.] en Tim [secretaris 2020-2021, red.], die het laatste Julebord van 2019 nog hadden meegemaakt.
Kortom, in de beginweken waren we erg zoekend naar óf, en zo ja hoe, we dingen een nieuw leven zouden inblazen. We hadden nog het geluk dat er in het bestuur wat reiscommissie-ervaring zat, maar een groot deel van de activiteiten die doorgaans in en rond Amsterdam plaatsvinden, moesten we een beetje opnieuw uitvinden. Het lijkt in ieder geval wel goed gegaan te zijn: Noorderlicht leeft voort, en Julebord is ook, zoals voor corona, niet meer weg te denken. Ik kijk er dus zeker met tevredenheid op terug, zeker als ik me bedenk hoe we in september amper wisten hoe we moesten beginnen. Dat was eigenlijk wel thema des jaars: met het archiefmateriaal en de getuigenissen die we hadden een plan opzetten, en dat met goede hoop uitwerken.”
Hoogtepunten
Met al die opgestarte plannen en hernieuwde tradities is het wel leuk om even terug te blikken: welke activiteit die we georganiseerd hebben sprong er voor ons echt uit? Luca begint te glimlachen. “Wat mij het eerst in mijn hoofd schiet is niet per se een activiteit, maar het meewerken aan Noorderlicht. Dat is denk ik wel hetgeen dat mij het meest verbonden heeft aan Nordom. Ik vind het zo leuk als dat blad uitkomt, het ziet er telkens weer prachtig uit. Dat ík daar dan aan meewerk en dat er artikelen van mij in staan, daar ben ik heel trots op. Het is uiteindelijk maar een verenigingsblad, maar het is wel míjn blad, weet je wel? Noortje knikt. “Ja precies, dat snap ik heel goed.” Bob vult aan: “Je houdt aan je werk ook echt een fysiek aan-denken over, het uiteindelijke blad, en dat is ook wel echt tof aan Noorderlicht.” Luca knikt instemmend: “Ja, en anderen merken dat ook! Gisteren [21 maart, red.] is mijn artikel over de Noorse wandelcultuur op de website geplaatst. Ik had het op mijn Instagram-story gedeeld, en het is mijn meest gelikete story ooit geworden! Ik kreeg allemaal berichtjes van mensen die zeiden: ‘Ik heb het gelezen en vind het superleuk, je lijkt net een echte journalist.’ Dat voelde echt als erkenning. Zeker omdat ik een wat ‘gekke’ studiekeuze heb, en mensen dan vaak vragen: ‘Wat kun je daar nou mee?’ Als ik dan vertel dat ik journalistiek wil gaan studeren en ze lezen iets dat ik heb geschreven, dan valt het kwartje. Dan zeggen ze: ‘Oh ja, dat zie ik je echt wel doen.’ Dat vind ik heel erg leuk.”
In dat gevoel kan Noortje zich zeker herkennen, maar zij denkt toch aan iets anders. “Ik denk dat de activiteit die mij het meest is bijgebleven gewoon de introductiedag is”, zegt ze. “Ik ben volgens mij elk jaar wel bij de introductiedag geweest, en het is gewoon heel leuk om te zien hoe zo’n Nordombestuur zich dan presenteert, onder wie mijn eigen bestuur natuurlijk vorig stu-diejaar. Maar ja, ik kan mij gewoon nog heel goed mijn eigen eerste introductiedag herinneren, en de picknick in het Westerpark achteraf. Ik kan nogal sociaal ongemakkelijk zijn – nieuwe mensen ontmoeten vind ik soms best wel lastig. Ik ben geen smalltalk persoon, ik kán dat gewoon niet. Dan moet je mensen eigenlijk dingen gaan vragen om ze te leren kennen, maar dan denk ik ‘misschien willen ze wel helemaal niet dat ik dat weet’ en dat soort dingen.” Luca is verbaasd: “Oh wat grappig, die indruk heb ik nooit gehad eigenlijk.” Dat kan Noortje goed verklaren. “Ja, maar dat komt dus omdat het soort ‘veilig’ voelt binnen Nordom, omdat je zeker weet dat je in ieder geval één gedeelde interesse hebt. Dan, of als ik mensen eenmaal wat beter leer kennen, komt het wel.”
Bob grapt dat je dan een soort spraakwaterval wordt. “Ja precies”, bevestigt Noortje. “Maar het is gewoon… Het was heel nieuw allemaal die dag, sowieso het idee van ‘oh jee, ik ga studeren’ was dus echt wel een dingetje voor mij, en dan ontmoet je ook nog eens zoveel nieuwe mensen… Ik weet nog heel goed dat Noa toen naar me toe kwam en vroeg of ze naast me mocht zitten, en dat is waar onze vriendschap begon. En die vriendschap is een van velen die ik bij de vereniging rijker ben geworden. Nordom is zo’n groot deel van mijn studietijd geweest: niet alleen door mijn voorzitterschap, maar ook vanwege de vriendengroep die ik heb opgebouwd door de borrels en activiteiten, waar je elke keer weer diezelfde gezichten ziet.” Om een specifieke activiteit te kiezen vindt ze erg lastig. “Het draait voor mij meer om het geheel. Maar als ik écht iets moet kiezen: eigenlijk gewoon het simpele van de introductiedag en de borrels;

lekker met elkaar gaan zitten kletsen, een drankje doen – of dat nou een glas wijn of een kop thee is – en verhalen vertellen over wat je allemaal hebt meegemaakt. Anders gezegd, het idee van ‘kom maar jongens, kom er lekker bij.’ Ik heb me altijd enorm welkom gevoeld bij Nordom en dat voel ik me nog steeds. Dat is gewoon een heel fijn iets.”
Voor Bob liggen de herinneringen vooral buiten Amsterdam. “Het waren vooral de studiereizen. Dat waren eigenlijk gewoon meerdaagse borrels in sommige opzichten. Ik ben op drie studie-reizen mee geweest – IJsland, Noorwegen en Stockholm/Tallinn – en het is gewoon zo tof om te zien dat veel mensen, die misschien niet per se heel actief zijn bij Nordom of niet vaak naar de borrels komen, vaak wel meegaan op de reis. Dat zijn dan vaak de minorstudenten of – mis-schien wat oneerbiedig gezegd – de muurbloempjes, maar toch krijg je altijd een hele gezellige en hechte groep. Ik kijk met heel warme gevoelens naar elke studiereis terug (afgezien van de dagen ná IJsland toen zowat iedereen met corona thuis zat). Daarin zit volgens mij ook de kracht van Nordom. Ook al zit je zo’n vijf dagen met een aantal mensen opgescheept, het is altijd supergezellig tijdens de reis en je leert de groep gewoon echt goed kennen. Zelfs als ze vóór de reis nog totale vreemden voor je waren.”
Trots
Vervolgens reflecteren we op wat we met onze besturen hebben bereikt, en vragen of er iets is waar we trots op zijn. Opnieuw schieten voor Bob de herinneringen aan de nasleep van de pandemie binnen. “In mijn geval is dat wel echt hoe hard we de bezem door alles achter de schermen gehaald hebben en dat we alles na 2,5 jaar corona weer op konden starten. We hadden veel dingen die we voor de zomer wilden fiksen zodat we het niet hoefden door te geven aan volgende besturen. Dat het met de statuten allemaal goed kwam en dat die op 1 september 2023 ook echt rechtsgeldig werden. Ik ben er erg trots dat alles wat we voor de zomer gedaan wilden hebben ook echt gebeurd is.”
“Ja dat was inderdaad echt heel fijn, dat wij daar niet meer aan hoefden te denken”, vervolgt Noortje. “Waar ik trots op ben, is dat mijn medebestuursleden zich ondanks persoonlijke struggles altijd met hart en ziel in zijn blijven zetten voor Nordom. Daarnaast ben ik ook trots dat het ons gelukt is om Lissan [Taal-Apelqvist, docente Zweeds, red.] ingestemd te krijgen als erelid van de vereniging. Want ik vond het zo onterecht dat iemand die de vereniging heeft opgericht, zelf geen erelid was, terwijl al haar medeoprichters dat wel waren. We wisten niet zeker of ze daarop zat te wachten, maar ze voelde zich vooral heel vereerd dat wij dat wilden doen. Uiteindelijk is het ook unaniem aangenomen, en dat voelt voor mij wel als een stukje onrecht dat wij hebben rechtgezet.”
Luca is het daarmee eens: “Ja, mooi inderdaad! Ik ben zelf vooral erg trots op hoe mijn bestuur het allemaal doet dit jaar. Ondanks alle online vergaderingen en een penningmeester die mid-den in het jaar vervangen moest worden, zijn we allemaal hecht gebleven en is er geen conflict
We dragen
allemaal ons
steentje bij
en we maken
er een zo
leuk mogelijk
jaar van
ontstaan. We dragen allemaal ons steentje bij en we maken er een zo leuk mogelijk jaar van. En dan voor mezelf ben ik trots op hoe ik het allemaal balanceer dit jaar. Soms vraag ik me af of ik niet te veel op mijn bordje genomen heb, maar het lukt uiteindelijk allemaal goed. Ik vond het spannend om een leidende rol op me te nemen, omdat ik mezelf geen geboren leider vind, maar ook dat gaat eigenlijk goed.”
Er schiet Noortje ineens iets te binnen. “Ik bedenk me ook opeens dat wij de doorverkoop van studieboeken weer hebben opgezet. In mijn eerste jaar noemden de docenten Nordom altijd in één adem met studieboeken,
maar ik zag dat nooit echt terug in de vereniging. Toen kwam Stefan [algemeen bestuurslid 2023-2024, red.] met het idee om dat weer op te starten. Dat hebben we gedaan en daar ben ik ook zeker wel trots op.”
Gemiste kansen
Naast de dingen waar we trots op zijn, zijn er natuurlijk ook altijd dingen die anders lopen dan we hadden gewild. Daar wil Noortje als eerste iets over kwijt: “Ik vond het jammer dat we alle-maal studie- en privédingen hadden tijdens mijn bestuursjaar, waardoor dat vaak voor moest gaan. Ik had graag meer dingen willen organiseren, zoals een taalcafé binnen Nordom, maar het kwam gewoon niet van de grond. Dat kwam deels omdat ik niet alles alleen kon, maar ook door andere dingen. Aan het begin van het jaar wilden we bijvoorbeeld met Radost [studie-vereniging slavistiek, red.] en Sowieso [studievereniging Duitslandstudies, red.] een introduc-tieweekend organiseren om de kleine verenigingen met elkaar te verbinden. In eerste instantie leek er genoeg animo voor te zijn, maar er kwamen uiteindelijk te weinig aanmeldingen binnen, waardoor het weekend niet door kon gaan. Het was jammer dat al onze moeite uiteindelijk voor niets bleek. Aan de ene kant vind ik het zonde dat ons bepaalde dingen niet gelukt is, maar ik heb ook het gevoel dat het allemaal goed was zoals het was. We hebben veel geleerd en we hebben er alsnog een heel goed jaar van gemaakt, met leuke activiteiten en borrels. Er zullen altijd dingen zijn die je anders had willen doen, maar het is goed zo.”
Luca sluit zich daarbij aan. “Ik had ook graag meer willen doen, maar we wisten vanaf begin af aan al dat we vanaf januari alles op een lager pitje moesten zetten vanwege Bonnie [algemeen bestuurslid 2024-2025, red.] en Kas [secretaris 2024-2025, red.] die op uitwisseling gingen. Ik had dit tweede semester meer willen organiseren voor de eerstejaars, maar ik kon het in mijn eentje gewoon niet. Nu met Emma erbij is er meer mogelijk, maar vanwege mijn scriptie en stage zit er niet veel meer in, ben ik bang. Gelukkig worden de borrels steeds goed bezocht, dus ik denk ook niet dat het erg is als het niet allemaal lukt. Ik heb net als Noortje een beetje geaccepteerd dat ik gewoon niet alles kan doen.”
“De tijd gaat ook zo snel!”, antwoordt Noortje. “Je denkt dat je nog wel even een activiteit kunt organiseren, maar voor je het weet ben je weer twee maanden verder en zit je zo dicht op de volgende grote activiteit dat je het er niet meer tussen krijgt. Het is allemaal zo leuk dat de tijd echt vliegt!” Bob denkt er even wat langer over na. “Eigenlijk hebben we ook gedaan waar we de tijd en middelen voor hadden en ik ben daar heel tevreden mee. Af en toe kun je terugkijken op dingen en denk je ‘O, dat had leuk geweest!’, maar dat is ook een beetje mosterd na de maaltijd. Het enige wat ik kan bedenken, is dat we in het tweede semester meer aan ledenbinding hadden kunnen doen. Toen Noortjes jaar naar Scandinavië ging, merkten we dat de borrels een stuk minder bezocht werden.” Luca vult aan: “Wat dat betreft had jij ook wel een beetje pech dat mijn jaar heel klein en inactief was. Dus ik zou dat jezelf niet te veel aantrekken.” Bob: “Ja, maar juist daarom denk ik achteraf dat we er meer aan hadden kunnen doen, helaas lukte dat gewoon niet. Ook daarom verlegden wij al snel de focus op de studiereis en het organiseren van alles achter de schermen.”
Een leerzame ervaring
Doordat dingen anders lopen dan verwacht, kom je jezelf tijdens een bestuursjaar regelmatig tegen. Daarbij leerden we van alles over onszelf. Noortje pakt het woord: “Ik heb wel echt leren delegeren.” Bob knikt instemmend. “Ja, herkenbaar!” Noortje vervolgt: “Ik ben een perfectionist en een controlfreak. Als ik een bepaald beeld in mijn
hoofd heb van hoe iets moet, dan wil ik ook dat het zo gaat. Dat komt er alleen negen van de tien keer op neer dat je alles zelf moet doen, wat niet realistisch is. Dus je moet leren compromissen sluiten met jezelf en taken uitdelen aan andere mensen. Je kunt daarbij wel aangeven hoe je het wil hebben, maar iedereen doet er uiteindelijk toch zijn eigen plasje over. Ik heb dus geleerd om dingen uit handen te geven en leren accepteren dat niet alles op mijn manier kan, en dat dat ook gewoon goed kan zijn. Dat klinkt misschien heel arrogant, maar zo bedoel ik het niet. Ik heb geleerd afhankelijk te kunnen zijn van andere mensen, omdat die samenwerking soms nóg mooiere dingen oplevert. Bovendien ben ik wat aardiger geworden voor mezelf en word ik nu iets minder snel boos op mezelf als iets niet lukt.”
Bob houdt ook graag de controle. “Ik durfde bijna het hele herschrijven van het HR niet uit handen te geven, omdat ik iets goeds wilde leveren aan de volgende besturen. Dan bracht ik het met een beetje tegenzin op bij de bestuursvergaderingen, maar dan kwamen er júíst zulke goede ideeën naar boven –
Dus je moet leren
compromissen
sluiten met jezelf
en taken
uitdelen aan
andere mensen.
Je kunt daarbij wel
aangeven hoe je
het wil hebben,
maar iedereen
doet er
uiteindelijk toch
zijn eigen plasje
over
dingen waar ik zelf nooit op gekomen was. Ik heb bij Nordom geleerd dat anderen ook goede inzichten kunnen hebben en dat niets perfect wordt als je als een controlfreak alles zelf loopt te doen.” Luca vult aan: “Ik vind dit dus echt grappig, want ik denk dat wij misschien alle drie voorzitter zijn geworden omdát we controlfreaks zijn. Ik herken wel echt dat ik vaak denk ‘als ik het doe, weet ik zeker dat het gebeurt en dat het ook goed gebeurt.’ Het blijft een leerproces, maar ik merk dat ik al wel beter ben gaan delegeren, want ik kan het gewoon niet allemaal alleen. Ik kreeg op een gegeven moment rugpijn van alle stress en realiseerde ik me dat ik mezelf dat aandeed.”
Noortje herkent dat: “Ja, dat de stress echt op je lijf slaat! Een stap terugdoen en andere mensen de ruimte geven was fijn, want de input van anderen is juist heel waardevol! Bijvoorbeeld Stefan die met het idee van de studieboeken doorverkopen kwam. Dat had ik zelf niet bedacht.” Luca lacht: “En dat wordt nu door mijn bestuur weer voortgezet!” Bob vult aan: “Er zit wat dat betreft heel veel continuïteit in Nordom. Dingen die goed werken en waar veel animo voor is, zetten we ook voort. Natuurlijk doet elk bestuur, zoals Noortje dat zei, zijn eigen plasje over Nordom, maar ik vind het echt leuk om te zien dat er heel veel continuïteit in zit. De eerstejaars van volgend jaar gaan als het goed is ook weer een Julebord meemaken en naar de kerstmarkten in Rotterdam.”

Luca onderschrijft die continuïteit. “Wij zijn bijvoorbeeld de draaiboeken weer aan het bijwerken. Die hebben altijd bestaan, maar zijn nooit echt gebruikt tijdens de overdracht. Dat willen we nu wel een standaardding maken.” Bob springt in: “Die draaiboeken komen van ons! Wij hadden een wat chaoti-sche overdracht in de nasleep van de corona-jaren en toen kwam Lena [secretaris 2022-2023, red.] met het idee om die draaiboeken te maken.” Luca vervolgt: “Ik doe het ook als voorbereiding op het overdragen van de taken aan het volgende bestuur, omdat ik me soms
echt een bedrieger voel. Zo van: ‘Weet ik het allemaal wel? Ben ik wel een goede voorzitter?’” Bob deelt dat gevoel. “Maar dat heeft volgens mij iedereen wel een beetje! Je moet zo veel dingen regelen die gewoon moeten van de wet, zoals de KvK, en dan denk je: ‘Hoe mag ík dit doen?’” Luca lacht: “Ja, Ik voel me soms echt nog zestien, en dan realiseer ik me dat ik nu een volwassene ben en gewoon dingen mag regelen!”
Toekomst
Als afsluiter willen we graag nog wat meegeven aan de toekomstige besturen. Luca begint: “Je mag altijd appen! Oud-bestuursleden vinden het echt leuk om mee te blijven helpen bij de vereniging.” Bob sluit zich hierbij aan. “Durf te vragen inderdaad. Je hoeft echt niet het wiel opnieuw uit te vinden. Het vorige bestuur is waarschijnlijk het meest toegankelijk, maar je kunt bijna iedereen appen die ooit een bestuursjaar heeft gedaan. Ze zullen je met plezier helpen. Als iets niet lukt, is er genoeg ondersteuning binnen je bestuur en ook bij de oude besturen. Je staat er niet alleen voor.”
Noortje komt met een nieuw advies: “Vergeet niet te genieten. Soms kun je door al het regel-werk vergeten zelf lol te hebben. Bij het organiseren van ons Julebord, was ik zo gestrest of alles wel goed zou gaan, maar uiteindelijk zat ik daar als een trotse moedereend en dacht: ‘Het was het waard!’ Dan landt het weer even dat de mooie momenten al het geregel waard zijn.” Luca vult daarbij aan: “Wees lief voor jezelf als het
even niet goed gaat. Je denkt dat het bestuur vóór je alles perfect gedaan heeft en nul problemen gehad heeft, maar dat is niet waar. Wij deden ook maar wat!” Noortje knikt in-stemmend: “Inderdaad. Er zijn altijd dingen voor of achter de schermen die spelen en wij probeerden ook maar wat dingen om dat op te lossen. Het is een groot leerproces. Het staat goed op je CV en is ook goed voor je character development.”
Bob heeft nog een afsluitend woordje over het ‘voorzitter zijn’. “Mijn laatste punt is dat het woord voorzitter veel groter klinkt dan het
Het klinkt alsof
je als manager
boven het
bestuur staat,
maar dat is totaal
niet zo.
Je hebt niet
de hele wereld
op je schouders
eigenlijk is. Het klinkt alsof je als manager boven het bestuur staat, maar dat is totaal niet zo. Je hebt niet de hele wereld op je schouders. Als je in de eerste vergadering duidelijk afspreekt wie wat doet, realiseer je je al snel dat het heel erg meevalt wat je allemaal moet doen. Volgens het HR ben je als voorzitter, zoals dat mooi heet, primus inter pares: als de nood aan de man is, moet jij dat kunnen verantwoorden, maar voor de rest ben je gewoon samen bestuurslid.” Noortje lacht: “Ik vond het eerst heel onwennig om ‘de baas’ te spelen over mijn vrienden, want zo voelde het wel even, maar eigenlijk zorg je er alleen maar voor dat de vergadering op gang komt en iedereen bij het onderwerp blijft. Voor de rest ben je gewoon deel van een drie- of viertal. Iedereen heeft evenveel inspraak.”
De conclusie die we uit ons gesprek trekken, is dat uiteindelijk alles goedkomt. Of zoals Stefan zou zeggen: “Zonder dal geen piek, hè.”
